TAK-aktie: ook voor ons is er geen plaats
Verzonden op: 05-01-2005
Verzonden door: Roel De Leener (0485) 62 43 02
Aantal keren gelezen: 38
15 aktievoerders van het Taal Aktie Komitee (TAK) hebben vanavond (woensdag 5/1, omstreeks 17u45) aktie gevoerd te Leuven, hoofdplaats van de provincie Vlaams-Brabant. Onder het motto "Ook voor ons is er geen plaats, Voor een Vlaams sociaal woonbeleid!" (meegedragen op spandoek) werd gedurende korte tijd de kerststal op de Leuvense Grote Markt "gekraakt". De aktievoerders lagen/zaten daarbij op de grond, gehuld in dekens en gedekt door kartons. Na een kwartier werd de aktie in overleg met de Leuvense politie afgeblazen.
Motivatie van de aktie: De provincie Vlaams-Brabant bestaat in 2005 tien jaar. Dat mag gerust gevierd worden. Problemen die vroeger, in het unitaire Brabant grotendeels miskend werden, laat staan dat er iets rond gebeurde, krijgen dankzij de provincie Vlaams-Brabant wel de nodige aandacht. Konkreet denken wij van TAK dan natuurlijk op de eerste plaats aan de verfransingsproblematiek. Toch zouden we de vreugde om deze evolutie enigszins willen temperen, zo zouden we bij aanvang van dit feestjaar wat vraagtekens willen plaatsen bij het gevoerde sociaal woonbeleid.Meer dan in andere provincies staat de Vlaams-Brabantse woonmarkt onder zware druk. Bijkomend gegeven in Vlaams-Brabant is de verfransing die met deze druk veelal samengaat. Het sociaal woonbeleid zou hieraan iets kunnen verhelpen. De provincie is zich hiervan terdege bewust, doch doet wat ons betreft niet altijd voldoende.
We kunnen natuurlijk niet om de vaststelling heen dat er in héél Vlaanderen wat schort met de sociale huisvesting, en dit voornamelijk door een gebrek aan financiële middelen. In Vlaams-Brabant is de situatie in die zin niet zo heel veel verschillend, maar gezien de tweevoudige functie van het woonbeleid in onze provincie (naast de puur sociale woonfunctie is het in Vlaams-Brabant een effectief middel om iets aan de verfransing te doen), zou de provincie in onze ogen toch een extra financiële inspanning moeten trachten te leveren.
Het argument van het gebrek aan financiële middelen is overigens in Vlaams-Brabant minder dan in andere provincies van tel. VLABINVEST (Vlaams-Brabants investeringsfonds voor Grond- en Woonbeleid, instelling van de Vlaamse regering) beschikt wel nog over extra middelen, doch deze worden veel te traag vrijgemaakt. Volgens ingewijden speelt een zekere naijver tussen de provincie en de Vlaamse Regering hierin mogelijk een rol. Zonder een schuldige te willen aanwijzen, zouden we de provincie alvast willen oproepen deze samenwerking in de komende jaren een extra kans te geven; Vlaams-Brabant kan er enkel wel bij varen. Wij van onze kant zullen bij een volgende gelegenheid alvast een zelfde geluid laten horen bij de Vlaamse Regering.
Kan het gevoerde beleid globaal genomen mogelijk nog door de beugel, dan moeten wij toch vaststellen dat het serieuze tekortkomingen vertoont aangaande de zes faciliteitengemeenten rond Brussel. Het aantal projecten in de Zes staat absoluut niet in verhouding tot het aantal inwoners in deze gemeenten. Het kan er bij ons niet in dat de provincie, zich terdege bewust van het wapen dat het in handen heeft tegen de verfransing, dit wapen nauwelijks inzet in net die gemeenten die het meest onder vuur liggen. Keer op keer stelt franstalig belgië de faciliteiten aldaar ter discussie, is het niet om de gemeenten aan te hechten bij Brussel, dan is het om Brussel uit de Vlaamse omknelling los te rukken (Sint-Genesius-Rode).
Tot slot zou de provincie in onze ogen ook wat meer ruchtbaarheid mogen geven aan haar huisvestingsinitiatieven. Hierbij zien wij zeker heil in een beter aanbod via de lokale media en Internet. Momenteel stellen wij namelijk vast dat als er projecten voltooid zijn, hiervan dan sporadisch wel eens iets in de pers verschijnt, maar dat op dat ogenblik alle beschikbare plaatsen veelal reeds volledig ingevuld zijn; mensen die het wat moeilijker hebben en die verloren lopen in alle betrokken administraties die bij woonbeleid betrokken zijn, lopen op deze manier konstant achter de feiten aan.
Wat TAK betreft mag de provincie verder gaan op de ingeslagen weg, doch wij zouden het liefst zien dat er nog een tandje wordt bijgestoken zodat we binnen tien jaar echt de feestremmen kunnen losgooien! En hopelijk kunnen we tegen dan ook de 10e verjaardag van de splitsing van BHV vieren!!
Namens TAK, Roel De Leener, Kurt Ryon, Arnout Van den Broeck
