Boedelscheiding Rode Kruis
Vlamingen moeten alert blijven
Verzonden op: 14-12-2005
Verzonden door: Jan Van de Casteele 03 366 18 50
Aantal keren gelezen: 18
Armand De Decker, de federale minister van Ontwikkelingssamenwerking, liet weten "ongerust" te zijn over de mogelijke splitsing van het Belgische Rode Kruis. Hij vreest dat die de efficiëntie en de coherentie van de actie van de organisatie schaadt, "in het bijzonder in haar activiteitendomeinen(sic) die vallen onder de bevoegdheid van de federale autoriteiten, zoals de noodhulp, de kinderrechten of de demobilisatie-programma’s".
De Vlaamse Volksbeweging (VVB) is er zich, net als de minister, van bewust dat in de huidige stand van zaken het Internationale Rode Kruis slechts één afdeling per land erkent. Er zal dus vooralsnog een overkoepelend orgaan voor een confederale organisatie nodig zijn.
Zijn bewering dat de splitsing van het Belgische Rode Kruis "bovendien zou ingaan tegen de principes van onpartijdigheid en neutraliteit die voorzien zijn in de statuten van de beweging" en "tegen de evolutie van de internationale Beweging die zonet haar universele karakter heeft versterkt, met de oprichting vorige week van het Rode Kristal", is echter klinkklare onzin.
Volgens de minister geniet het Belgische Rode Kruis in het buitenland een uitstekende reputatie dank zij de kwaliteit van "haar" (sic) actie. Hij liet prinses Astrid opdraven om die stelling kracht bij te zetten. Als minister van de kroon zou hij beter moeten weten dan het koningshuis andermaal bij een communautair getinte kwestie te betrekken. .
Naar goede Belgische gewoonte gaat de minister natuurlijk voorbij aan de grond van de zaak.
De Vlaamse voorzitter van het Rode Kruis, Philip Vandekerkhove, wees er op 12 december op dat de Franstalige afdeling van het Rode Kruis kampt met een verlies van 10 tot 15 miljoen euro.
Hij verklaarde dat transfers van de ene afdeling naar de andere ondenkbaar zijn, dat elke solidariteit transparant moet zijn en dat de dagelijkse praktijk van gescheiden werking en gescheiden boekhoudingen, nu maar eens in een juridische werkelijkheid moet worden omgezet.
M.a.w. de Vlaamse afdeling stuurt aan op eigen rechtspersoonlijkheid voor elke afdeling. Een van de problemen is immers dat beide afdelingen elkanders begroting moeten goedkeuren zonder dat zij daar enig inzicht in hebben.
De Vlaamse RK-afdeling is zo dus medeverantwoordelijk voor de bankroete Franstalige afdeling. Zelf is zij een moderne, goed beheerde en financieel gezonde hulporganisatie met 14.000 vrijwilligers en 1.200 personeelsleden.
Een van de oorzaken van de financiële put waarin de Franstalige afdeling zit is, naar verluidt, dat bepaalde taken zoals ziekenvervoer en ambulancediensten meer dan in Vlaanderen door personeelsleden worden uitgevoerd i.p.v. door vrijwilligers. Andere bronnen wijzen op de hoge salarissen en "de verspilzucht" aan de top van de organisatie.
De VVB is bekommerd dat dit andermaal uitdraait op onaanvaardbare transfers van Noord naar Zuid.
De nationale raad van het Rode Kruis gaat de financiële toestand van de Franstalige vleugel van de organisatie onderzoeken en heeft, naar beproefde Belgische gewoonte, daartoe een speciale werkgroep opgericht. Die moet tegen eind februari 2006 klaar zijn met de principes van een structurele oplossing, zowel voor de financiële als voor de organisatorische problemen.
Voor de concrete uitwerking ervan heeft de werkgroep tijd tot einde 2006. Voor de concrete uitwerking van zijn bevindingen krijgt de werkgroep onnoemelijk veel tijd om zich uit spreken over de toekomst van een van de weinige nog unitaire Belgische verenigingen. Pas op 1 januari 2007 valt de uitspraak. De stille hoop is natuurlijk dat daardoor de aandacht van de Vlaamse openbare mening verzwakt of verdwijnt.
De VVB roept daarom alle Vlamingen alert te blijven en het RK-dossier op de voet te blijven volgen.
Rita De Bont Voorzitter Vlaamse Volksbeweging 0485 504 309
