In de kijker

Grondvest

Waarom wil de VVB zoveel autonomie voor Vlaanderen?
25-2-2016
 

Eind januari stelde Liesbet Sommen (CD&V) ons een aantal vragen via Knack.be. We schreven een kort antwoord op Knack maar beloofden ook op onze webstek meer uitgebreid te antwoorden op haar vragen. Vandaag het antwoord op haar eerste vraag: waarom wil de VVB zoveel autonomie voor Vlaanderen?

Liesbet Sommen was best tevreden over ons antwoord maar vond toch dat er te weinig ‘facts and figures’ waren om onze beweringen te staven. In dit antwoord dus meer cijfers en figuren om aan te tonen dat meer autonomie voor Vlaanderen meer vooruitgang betekent.

In haar vlot geschreven stuk stelt Liesbet dat de huidige Belgische regering even goed in staat is om goed werk te leveren als de Vlaamse regering (in tegenstelling tot de Belgische regering van Di Rupo). We willen uit academische overwegingen meegaan in de redenering dat zowel de Vlaamse en Belgische regering goed werk leveren vandaag.

Hoe Belgisch is deze regering? – Het argument voor homogeniteit

Als we de samenstelling ontleden van de Regering Michel zien we dat slechts 20 Waalse zetels in de Kamer deze regering steunen tegenover 65 Vlaamse zetels. Nauwelijks een doorsnede van de Belgische bevolking. De Belgische staat is dus veel te heterogeen in haar samenstelling: de  preferenties van de verschillende bevolkingsgroepen lopen te ver uiteen om degelijk te verzoenen op federaal niveau. Wanneer er dan toch duidelijk beleid voortkomt uit de regering is dit ten koste van de democratische vertegenwoordiging van een bevolkingsgroep.

De samenstelling van de regering-Michel











De samenstelling van Michel I.

Wetenschappelijk onderzoek door onder andere Credit Suisse bevestigt dat hoe heterogener bevolkingen van een staat zijn, hoe hoger de kosten van de diensten die die staat levert: onderwijs bijvoorbeeld moet rekening houden de diversiteit in taal en cultuur en dat kost uiteraard meer. Hoe homogener een bevolking is, hoe waarschijnlijker het wordt dat haar welvaart en welzijn hoger is. Wanneer men fractionalisering (gemeten op verschillen in taal, etnocultuur en religie) vergelijkt met HDI (Human Development Index, een score in welvaart en welzijn) wordt duidelijk dat homogene staten veel beter scoren.










Hoe heterogener een land, hoe lager de HDI.

In onze volgende webstukken zullen we de andere vragen van Liesbet beantwoorden. De volledige studie van Credit Suisse kan je onderaan deze webpagina vinden.

Download documenten :
Credit Suisse - The Succes of Small Countries
Terug naar overzicht