In de kijker

Grondvest

ICEC-conferentie 9D: toch wel een historische dag
15-12-2015
 


De ICEC-conferentie ‘9D’ (9 december) was aangekondigd als baanbrekend. En, het moet gezegd, dat was ze ook. De sleutel tot dit mooie succes is natuurlijk de samenwerking van Europese autonomisten uit Baskenland, Schotland, Veneto, Catalonië, Zuid-Tirol en Vlaanderen. Maar er is meer. Die samenwerking gebeurt niet meer in de marge van de Europese politiek. Ze valt steeds meer op en krijgt steeds meer aandacht van linkse én rechtse politieke formaties, die zelf niet altijd een uitgesproken regionalistisch profiel hebben. De bewegingen voor autonomie, soevereiniteit en onafhankelijkheid breken baan en zijn uitgegroeid tot relevante politieke spelers. Dat geldt des te meer voor hun koepel, ICEC.

Op uitnodiging van de Europese parlementsleden Mark Demesmaeker (N-VA) en de Bask Josu Juaristi (EH Bildu) kon onze conferentie doorgaan in het Europees Parlement, precies op maat van de ambities die we koesteren. Die ambities zijn verschillende vormen van zelfbestuur, maar eerst en vooral meer democratie in en voor de EU. Daarin werden we door een talrijk opgekomen groep van parlementsleden (van uiteenlopende ideologische pluimage) en functionarissen van het Parlement erkend. Dat is een nieuwe ontwikkeling waarvoor we dankbaar mogen zijn. Het debat kan voortaan gaan over de precieze relatie tussen democratisering en zelfbestuur - iets waar nog tal van kanttekeningen bij kunnen worden gemaakt, zo wees de conferentie wel uit.

 

We hadden ook een gesprek met een aantal prominente stemmen in het zelfbeschikkingsdebat: Professor Mathias Storme, Europarlementslid Bart Staes, professor en fractieleider Hendrik Vuye en professor Maddens.

Inmiddels zijn we nog een heel eind af van een algemeen aanvaarde toepassing in de praktijk (!) van het zelfbeschikkingsrecht. Sooi Daems verwoordde het namens de Beweging Vlaanderen-Europa treffend in zijn welkomstwoord: “Het democratisch verworven zelfbeschikkingsrecht van Vlaanderen en tal van gelijkaardige politieke gemeenschappen verdient een steviger doortrekking en een sterkere structurele positie  in het besluitvormingsproces en de instellingen van de Europese Unie.” En net daar zijn de meeste EU-prominenten tegen gekant. Misschien dekken ze nationale staatshoofden af zoals Cameron van het VK en Rajoy van Spanje, die vrezen voor een uit elkaar vallen van hun land.

Waarschijnlijker is dat de interne Europese evenwichten aan het schuiven gaan indien er een rist kleinere staten met een sterke culturele identiteit (en dus met duidelijke standpunten over vrijhandelsverdragen met de VS, open grenzen en ga zo maar door) bij zouden komen. Daar waren en zijn Barroso, Juncker en vele anderen voor bevreesd. VVB-ondervoorzitter Bernard Daelemans benadrukte het treffend in zijn tussenkomst: het is allemaal praat voor de vaak, want er is niets in het Europees recht, laat staan in het internationaal recht, dat wettigt om een opvolgerstaat van een deels uitgeleefd oud land buiten de EU en desgevallend de Euro te plaatsen.

Een rode draad door de ICEC-conferentie was daarom ook de nauwe verknoping van de strijd voor een democratisering van de EU en de autonomie van historische volkeren in Europa. Dit kwam sterk aan bod in de bijdrage van de Bask Mikel Muñoa, maar ook van de Schotse ICEC-woordvoerders Shona en Chris White en Common Weal-directeur Robin McAlpine. De Schotten kregen de tijd om uit te leggen hoe het nu mogelijk was geweest dat een zo succesvol voorbereid referendum voor onafhankelijkheid (in 2014) toch mis kon lopen. Niet getreurd, aldus Shona, want de mensen in Schotland zijn er inmiddels wel van overtuigd geraakt dat ze hun nationale lot daadwerkelijk in eigen handen kunnen nemen.

Anna Arqué, ICEC-afgevaardigde voor Catalonië, kon hierop verder borduren. Catalonië heeft zelf ook een (weliswaar niet door Spanje erkend) referendum achter de rug (eveneens in 2014), maar het verschil is het ‘grondwettelijk geweld’ dat de Spaanse staat op een structurele manier uitoefent om het Catalaanse staatsvormende proces stokken in de wielen te steken. Tegenover deze destructieve houding van Madrid ontvouwen de Catalanen, vanuit hun parlement en de basisbewegingen, een methodische aanpak om de onafhankelijkheid een eigen dynamiek te geven, die finaal alle tegenkanting van de baan zal vegen. Zij was ook optimistisch over de vorming van een regering in Catalonië, wat aanvankelijk geen sinecure leek door ideologische meningsverschillen binnen het pro-onafhankelijkheidskamp.

Hiermee was een interessant academisch begrip gelanceerd: ‘grondwettelijk geweld’. De Catalaanse professor Antoni Abat lichtte toe wat hij hieronder begrijpt: de Spaanse staat interpreteert de Spaanse grondwet, die het weliswaar over de eenheid en ondeelbaarheid heeft van Spanje, op een activistische manier om het Spaanse Grondwettelijk Hof te bekleden met de bevoegdheid en de middelen om de Catalaanse onafhankelijkheidsbeweging te vervolgen. Iets wat wij in een soft-versie in België ook kennen door de preventieve constitutionele vergrendeling van alle voor de Franstaligen te verregaande institutionele hervormingen (of stappen richting onafhankelijkheid van Vlaanderen).

Professor Antoni Abat

Voor een ruim deel van het Vlaamse publiek van de conferentie was het interessant om naast het bekende verhaal van Catalanen, Schotten en Basken ook de minder bekende omstandigheden te vernemen van de autonomiestrijd van Zuid-Tirolers en Veneten. Affiniteit met Tirol en Veneto is er genoeg, maar dat de eis voor zelfbestuur in deze delen van - thans nog - Italië levensvatbaar blijkt, is hartverwarmend en hoopgevend. De Zuid-Tirolers krijgen op hun manifestaties meer dan 10% van de bevolking op de been. De Veneti gebruiken hun regionaal parlement om geleidelijk een plan van aanpak gemodelleerd op de Catalaanse aanpak in de steigers te zetten, dus met resoluties en decreten die het onafhankelijkheidsproces een eigen logica en zelfstuwende dynamiek verlenen. Florian Von Ach voor Zuid-Tirol en professor Andrea Favaro voor Veneto kunnen daarom op heel wat sympathie rekenen.

Hilde Roosens, nationaal bestuurslid van de VVB en Steven Utsi, VVB-stafmedewerker, gaven de Vlaamse toets aan de conferentie. Hun invalshoek was sterk historisch. De impliciete boodschap was daarmee dat het in Vlaanderen de geschiedenis zelf lijkt te zijn die ons met vallen en opstaan dichter bij zelfbestuur brengt. Het voluntarisme om het ultiem ook echt te grijpen, is iets waar Schotten en Catalanen ons op dit moment de weg in wijzen. Het is ooit anders (omgekeerd) geweest, maar opnieuw: niet getreurd. Elk op hun manier wijzen de verschillende volkeren die participeren in ICEC de weg naar nationale zelfbeschikking.

Een debat tussen de professoren Abat en Favaro, aangevuld met de expertise van Robin McAlpine, vormde het academisch hoogtepunt van de namiddag. Het siert Wilfried Haesen, onze moderator en inleider van alle buitenlandse sprekers, dat hij een hoog niveau hielp aanhouden, wat niet altijd gemakkelijk was met zes ‘diensttalen’ waarmee rekening moest worden gehouden. Videoboodschappen van de Vlamingen Bart Staes, Hendrik Vuye, Matthias Storme en Bart Maddens reikten de thema’s voor het debat aan. Opnieuw werd de kwestie van een grondwet centraal gesteld in de verbinding tussen zelfbestuur en democratie.

Mooi op tijd om de conferentie af te sluiten was Pàl Csàky, de ondervoorzitter van de EU-petitiecommissie, aan wie symbolisch de 600.000 handtekeningen werden overhandigd die ICEC enige tijd geleden had verzameld om de toepassing van het zelfbeschikkingsrecht op Europees niveau te deblokkeren. Hij kon nog net steels een oog werpen op het orgelpunt van de dag: de ondertekening van een nieuwe stap in de ICEC-samenwerking (sinds 8 december officieel een vzw), namelijk de Verklaring van Brussel, die de toepassing van het zelfbeschikkingsrecht wil bevorderen als instrument voor meer democratie, vrijheid en sociale rechtvaardigheid. Die Verklaring werd door alle afgevaardigden van ICEC plechtig ondertekend. Daarmee is meer dan één steen verlegd in de vaart van de Europese volkeren richting onafhankelijkheid.


Dank zij de medewerking van heel wat medewerkers werd deze tweedaagse een succes. Hen allemaal danken zou ons te ver leiden, maar eentje willen toch even in de schijnwerpers plaatsen. Karel Sterckx zorgde (samen met Kevin De Laet) niet alleen voor alle filmpjes, maar hij bracht ook gasten van de luchthaven naar Brussel. Dank zij zijn geduld (vliegtuig 3,5 uur vertraging) en koelbloedigheid (massa’s files in en om Brussel) kon professor Abat net op tijd nog zijn erg interessante bijdrage leveren. Of hoe mensen achter de schermen er mee voor zorgen dat iets een succes wordt. Met Karel als voorbeeld, een dikke dank aan allen.

Terug naar overzicht