In de kijker

Kalender

Grondvest

Plan B: een stille oorlog tegen Vlaanderen
26-11-2015
 


Bestaat er echt zoiets als een Plan B, een draaiboek van Franstalig België op het moment dat de federale staatsstructuur meer kost aan Wallonië en Brussel dan ze oplevert? Anders geformuleerd: op het moment dat de geldstroom uit Vlaanderen opdroogt? Eerst en vooral: is zoiets ernstig te nemen of is het niet meer dan wat verbale krachtpatserij van Franstalige politici? Is het met andere woorden mythe of realiteit? En pas in tweede instantie: wat is de inhoud van dat plan? Waarover gaat het? Tot slot: in welk detail is het uitgewerkt? Een hele hoop vragen. Maar niet zoveel dat een kat haar jongen erin verliest. Er zit een verhaal achter dat tal van actuele evoluties in binnen- en buitenlandse politiek beter inzichtelijk maakt. Plan B als sleutel tot een adequater begrip van de huidige toestand van Vlaanderen en zijn internationale omgeving, zeg maar.

Het is een thema waarmee de Vlaamse Volksbeweging zich de komende maanden ernstig zal inlaten. Zonder over de heg te kijken kan geen enkel eigen plan voor Vlaamse onafhankelijkheid ernstig zijn. De Vlaamse Beweging moet de oefeningen in het luchtledige achter zich laten. De onafhankelijkheid van Vlaanderen moet een concreet project worden en mag niet langer blijven hangen in de sfeer van het louter hypothetische. We laten ons daarbij niet afschrikken door de schampere bedenking die sommigen zouden kunnen maken dat Vlaanderen voor eeuwig de Belgische solidariteit zal en wil blijven financieren. Want of dat gebeurt, hangt niet louter af van wat Vlaanderen ‘wil’. Of iets financierbaar blijft of niet, is onlosmakelijk verbonden met macro-economische en internationale politieke evoluties. Voor wie wil horen en zien, is het al lang duidelijk dat Europa en grote delen van de wereld in erg woelig water zijn terechtgekomen. In Knack schreef Bart De Valck deze zomer dat het voorbij is “met rustig verder ontvoogden in de luwte van Belgische compromissen, EU, NAVO en VN.” En verder: “De wereld is veel minder voorspelbaar dan tot voor een decennium of twee. Aanklampen volstaat niet langer.

Daarom heeft de Vlaamse Beweging dringend nood aan een Plan A. Want het moge duidelijk zijn: het Franstalige Plan B zal vroeg of laat toch tot uitvoering worden gebracht. De Fédération Wallonie-Bruxelles zal zélf het initiatief nemen om België te ontbinden en Vlaanderen is vanaf dan op achtervolgen aangewezen. Ons Plan A moet deze nefaste gang van zaken helpen voorkomen. Vlaanderen moet zich actief voorbereiden op de staatkundige soevereiniteit en in het bijzonder op de noodzaak om als eerste uit België te stappen. Alleen zo kunnen we immense collaterale schade voorkomen die anders, tijdens het ontmantelingsproces van de federatie, dreigt te worden aangericht door de uitvoering van de zesde staatshervorming, het Vlinderakkoord. Het gaat dan om een splitsing van de staatsschuld in het nadeel van Vlaanderen, het verlies van Brussel met inbegrip van delen van Vlaams-Brabant, forse internationale imagoschade (dat Vlaanderen intrinsiek een sterk dossier heeft om zonder inbreuken op Vlaams-Brabant en zelfs met inbegrip van Brussel een exit te forceren is elders in de wereld genoegzaam bekend).

Waarom heet het Franstalige Plan B dan ‘Plan B’? Omdat, zo weten goede schakers, het in petto houden van een dreiging de uitkomst van de partij meer bepaalt dan het onmiddellijk uitvoeren van die dreiging. Kort: de tijd werkt in het voordeel van Franstalig België. Ondertussen blijven de transfers naar het zuiden van het land stromen en wordt er toch al opnieuw gefluisterd over een nieuwe staatshervorming en zelfs over confederalisme. De Franstalige politieke wereld zegt niet dadelijk ‘non’. Dat ook moeilijk anders: zij weten dat nieuwe institutionele ingrepen de verworvenheden van de vorige staatshervorming alleen maar zullen betonneren en de uitgangsposities voor de uitvoering van ‘het Plan’ verder zullen verbeteren. Hierin is de Vlaamse politiek naïef en onverantwoordelijk.

In die optiek maken de staatshervormingen, en zeker de laatste, deel uit van wat we een ‘stille oorlog tegen Vlaanderen’ zouden kunnen noemen. Het is geen aanvalsoorlog - Wallobrux maakt zich geen illusies over de houdbaarheid op termijn van België -, maar een opflakkering van vijandelijkheden in het licht van een nakend bestand of vredesakkoord. In het licht dus van het einde van het federale België. De onderhandelingsmarge moet voor Vlaanderen zo klein mogelijk worden en daarom wordt veel pasmunt de Vlamingen uit handen geslagen. De Vlaamse Volksbeweging wil die stille oorlog een halt toe roepen door de Vlamingen te wapenen met een klaar bewustzijn van wat op het spel staat en door alle initiatieven die van dit geopolitieke spel getuigen aan te kaarten en gepast tegemoet te treden. Daarom waren we op 24 oktober op de grind- en betonwoestijn van de Heizel weer van de partij. Niet om daar een imaginair vijandbeeld te koesteren, maar om te illustreren hoe bepaalde dossiers, zoals Eurostadion op Parking C, bewust in een verkeerd perspectief worden geplaatst. Het gaat niet om sport en voetbal, maar om een inbreuk op de territoriale integriteit van het Vlaams Gewest.

Plan A: iets om aan te beginnen. Niet morgen, maar vandaag.

Terug naar overzicht