In de kijker

Grondvest

INTEGRAAL: toespraak voorzitter Bart De Valck n.a.v. 11 juli 2016
11-7-2016
 


"11 juli: van vraagstuk naar waagstuk"

Beste mensen, Vlamingen van alle geslachten en alle gedachten,

In de Vlaamse Beweging lezen we al eens meer buitenlandse kranten. De ‘grote politiek’, weet u wel, en daar willen we ons graag mee meten. Maar soms moet je naar het buitenland gaan om er door de gastheren een echte spiegel te worden voorgehouden. We reizen om te leren, lang geleden met de vtb-vab van Aken tot Kassel, thans naar Catalonië, Schotland, Baskenland en elders.

Mensen in andere landen en streken houden ons willens nillens een politieke spiegel voor van de toestand waarin Vlaanderen zich nu bevindt. Van de staat van Vlaanderen, dus. Niet de Vlaamse staat, nog niet, nee, maar van de Vlaamse situatie, het vraagstuk, de kwestie.

Want ja: wij blijven voor onszelf een vraagstuk. Op die kwestie - dat we onszelf aan onszelf en dus aan de rest van de wereld niet uitgelegd krijgen - wil ik vandaag graag nader ingaan. Elf juli is een dag die zich leent tot zo’n potje zelfbespiegeling. Goed begonnen, half gewonnen. Maar nooit onbezonnen begonnen.

Nu, onlangs was de VVB te gast op de tweede onafhankelijkheidsdag van de Zuid-Tirolers in Bruneck. Het motto van dit treffen spreekt al boekdelen: IATZ!, dus ‘nu’, onverkort. Onverwijld. Voluntarisme, goesting in de toekomst genoeg, bij die Tirolers. De mensen daar hebben een sterke identiteit en zien zichzelf niet als een groot vraagteken, als een vraagstuk. Ze zien zichzelf veel meer als een waagstuk en gooien zich met hun volk voor het volle pond in de toekomst van Europa en de eenentwintigste eeuw. Het zette mij aan het denken.

Vrienden,

Zuid-Tirol: u weet wel, dat stukje Oostenrijk voorbij de Brennerpas, over de Alpenschreve, dat na de Eerste Wereldoorlog de Italianen moest paaien, die zwaar op hun doos hadden gehad van de Oostenrijkers, maar zich in 1918 plotseling toch aan de kant van de overwinnaars bleken te bevinden. De Italianen hebben na een turbulente twintigste eeuw de regio met half miljoen inwoners een grote vorm van zelfbestuur gegund, een behoorlijk part fiscale autonomie incluis.

Wel, op die onafhankelijkheidsdag konden de andere buitenlandse delegaties - onze vrienden, de Catalanen, Schotten en Basken - uitpakken met een hele waslijst aan referenda, verkiezingsoverwinningen, onafhankelijkheidsverklaringen, stappenplannen en noem maar op.

En daar sta je dan als laatste gastspreker, met als mager charmeoffensief een vlammende speech, in hun moedertaal, het Duits, maar verder: een leeg palmares, geen politieke wapenfeiten richting soevereiniteit. Enkel een delegatie van ruim honderd Vlaams-nationalisten en een zee aan Leeuwenvlaggen konden de Tirolers enigszins bekoren.

Wat beschamend om een volk te vertegenwoordigen dat in tegenstelling tot onze Europese ICEC-partners een democratische meerderheid vormt en bovendien beschikt over de grootste naoorlogse Vlaamse politieke fracties.

Dames en heren,

Dat drie (3!) Vlaamse partijen zich federaal laten domineren door één (1!) Waalse partij, wordt door het trotse lederhosendragende bergvolk op onbegrip onthaald. Leg dat maar eens uit aan een kleine hechte gemeenschap met culturele identiteit zo sterk als een rots.

Leg maar eens uit dat zwaar banditisme en islamfanatisme wegraken met hun plannen omdat in onze Brusselse hoofdstad, de hoofdstad van de Europese Unie nota bene, de communicatie tussen zes politiezones stroef verloopt. Of luisteren die politiezones alleen maar naar hun burgemeesters? De burgemeester is hoofd van politie, dat klopt, maar toch geen lokale krijgsheer die de scepter zwaait over een privémilitie? Er zijn er in de geschiedenis voor minder achter de tralies gestopt, ook in de Vlaamse Beweging!

Kafka leeft nog. Hij heeft zich te Brussel een veilig onderkomen gewrocht. Brussel mag branden of ontploffen wegens té communautair en wegens niet opgenomen in het regeerakkoord. Maar Kafka laat zich niet uitroken. Kafka is de rook van Brussel zelf, de nevel die alles omhult met een flou dat politieke besliskunde tot hopeloze zaak maakt. Vlaanderen, van Antwerpen, Gent en Brugge tot Aalbeke, Kaulille en Nieuwmoer, leeft onder de rook van Brussel. Het is de rook die de spreekwoordelijke olievlek voorafgaat.

En zo, beste mensen, moest ik mijn toespraak te Bruneck eindigen in schraalheid. Ja, mijn slotwoorden waren magertjes, ik besefte dat goed. Ik zei: “We kunnen geen voorspellingen doen, maar de N-VA belooft op haar communiezieltje dat Vlaanderen in 2019 een kans heeft om onafhankelijk te worden of op zijn minst om cruciale - liefst homogene - bevoegdheidspakketten naar zich toe trekken.”

Luistert u maar eens goed…“Geen voorspellingen, (…) de N-VA belooft, (…) een kans, (…) op zijn minst”: ik moest ruiterlijk toegeven dat de Vlaamse Beweging de hefbomen ontbeert om de Vlaamse partijen bij de les te houden. Al dan niet via de N-VA zelf.

Vrienden volksgenoten,

Hou het simpel, zeggen ze me soms. Zeg: “Het confederalisme staat in de startblokken, maar de sportschoenen zitten nog in de schoendoos.” Zoiets. Dat komt dan wel aan bij de politici voor wie de boodschap is bestemd, zo klinkt de goede raad. Dat is evenwel nog maar de vraag. Staat het confederalisme wel degelijk in de startblokken? Ik heb zo mijn twijfels. Het Studiecentrum van Veerle Wouters en Hendrik Vuye zou inmiddels de eerste ronde moeten hebben gelopen, want het verkiezingsjaar 2019 komt met rasse schreden dichterbij. Ik zal binnenkort toch eens moeten bellen met Veerle en Hendrik om te vragen wanneer ze de Finse piste verlaten. En of ze zinnens zijn om blootsvoets de grondwettelijke doornen van de francofone blokkade te gaan trotseren. De schoendoos staat nog in het rek, lijkt me wel.

Maar goed, alle gekheid op een stokje: ik denk dat we het als Vlaamse Beweging niet meer simpel kunnen of mogen houden. Onze verantwoordelijkheid is te groot om nog te grossieren in simplismen. De gezellige luwte van de Koude Oorlog toen de wereld nog helder in elkaar stak ligt al dertig jaar achter ons. Het wasmiddel ‘politieke correctheid’ om met frisse jonge teletubbies in politiek en bestuur aan de eenentwintigste eeuw te beginnen is ook al even om zeep en is geëindigd in cynisme en graaicultuur. Vergis u niet: het Optima-debacle gaat over het einde van een bepaald soort Belgisch links, een hele generatie van mei ’68-mensen en hun aanwas…

Met de Vlaamse Volksbeweging zeg ik: we leven hier en nu om de uitdagingen van de toekomst aan te gaan, niet om de schimmen van het verleden na te jagen. Wie in de wereld vriend en vijand is, is nog lang niet duidelijk. Eenvoudige schema’s pakken geen verf meer. “Wat we zelf doen, doen we best ook écht zelf,” zei Peter De Roover ooit. Hij nam zo een loopje met het gevleugelde woord van ooit Vlaams minister-president Gaston Geens: “Wat we zelf doen, doen we beter.” Laat ons daarom de natie- en staatsvormende ambitie van Vlaanderen in de wereld uitdragen, niet door ons wagonnetje aan een vreemde locomotief vast te hangen, maar door een aanbodmodel uit te tekenen. We moeten gaan voor een degelijke uitwerking van een stappenplan naar onafhankelijkheid, maar dat wel helder, duidelijk en eenvoudig uitleggen. Want, dat is de paradox, het is niet ‘simpel’.

Nee, beste Vlaamse mensen, het is helemaal niet ‘simpel’, want de wereld evolueert in een razendsnel tempo. De Brexit is nauwelijks beklonken - in theorie althans - of er gaan her en der alweer bommen af. De EU staat voor verscheurende keuzes. Het is niet aan de Vlaamse Beweging om lijdzaam toe te zien. We moeten de ambitie koesteren een hoofdrol te spelen. Wij hebben een missie, een zending: het vestigen van het primaat van de politiek van een open en assertieve identiteit in het hart van Europa. Dat is een leidmotief van leven en streven waarvoor veel jonge mensen wel willen tekenen. De behoefte is groot, maar we moeten het eigentijds brengen.

En ook hier is elk woord is belangrijk: “eigentijds”, dus actueel, handelend over de moeilijkheden van vandaag. “Brengen”, dus als Vlaamse Beweging niet onverzettelijk kamperen op het eeuwige eigen grote gelijk, maar Vlaams-nationalisme, identiteit en internationale solidariteit als handgrepen aanbieden om grip te krijgen op de toekomst van jonge mensen. Kortom: het project van Jong en Vlaams, JeV voor de vrienden, van Michael Discart en zijn jonge turken. Het zou een piste kunnen zijn die we ook hier, in onze hoofdstad Brussel, kunnen uitproberen. Graag nodig ik de jongerenwerking van de Vlaamse Beweging in al haar kleuren, vormen, gedaanten en gestalten uit om als vissen in het water kiezels te verleggen voor Vlaanderen in de brede Brusselse stroom. Het kan. Jonge mensen: wees uzelf, wees dus voorhoede, baan de weg.

Goed, vrienden:

geen onberedeneerdheid dus, maar wel: onze toekomst als een spannend avontuur, als een waagstuk durven bekijken. Sturm-und-Drang? Ja, wellicht, en graag genoeg daarvan op het juiste moment. Ambitie? Ja, tonnen, nu en straks! Opnieuw: we zijn geen vraagstuk. We moeten niet naar de rol van de Vlamingen in de wereld kijken als een problematisch iets. Anders mag het ons niet verbazen als de wereld ons inderdaad als ‘probleem’ begint te bekijken. Wat we wagen door eerder vroeg dan laat met België te breken, is nauwelijks onze welvaart of ons sociaaleconomisch welzijn. Wat we op het spel zetten, is onze capaciteit tot geluk als mensen voor en met elkaar. Maar mag het even? We willen als gemeenschap eindelijk wel eens ‘af’ geraken. We willen ‘rond’ geraken met onszelf. Om dan verder door te groeien naar een solidaire staat in de wereldgemeenschap. Spaar daarbij geen heilige huisjes, want het is een hard, maar ook wonderlijk leven. Meervoud-sterkhouder Christian Dutoit, die we helaas heel recent moesten afgeven, leefde het ons voor in woord en daad, als redacteur van tal van bijdragen over wat ons als Vlamingen in Brussel, op doorreis of als ingezetene van de hoofdstad, te harte gaat. En als onthalend en gastvrij persoon in het/dit Vlaams Huis te Brussel, baken voor alle Vlaamsgezinde werking in de metropool. Dank je, Christian, daarvoor…

Vlaamse landgenoten,

Over ‘problemen’ gesproken: wie in binnen- of buitenland moet er nog van overtuigd worden dat het België is dat een ‘probleem’ is? Topondernemers moeten niet langer worden overtuigd. Waarom dan toch onszelf als Vlamingen problematiseren? Verwarren we bescheidenheid niet onterecht met middelmatigheid? Klare taal alsjeblief: België is inderdaad een ‘failed state’, een ongeluk- en mislukstaat. Mislukt, maar ook steeds verder mislukkend: alles wat België aanraakt, wordt discutabel, broos en risicovol. Scheurtjes in de behuizing van kernreactoren? Een teken aan de wand dat ze tot waarmerk van de Belgische dubbele moraal zijn uitgegroeid.

Beste vrienden,

De Zuid-Tirolers, die zijn ‘rond’ met zichzelf. Ze zijn ‘af’. Ze zijn pure klasse in hun identiteitsbeleving en in hun rechtlijnig politiek streven. Maar hun identiteit staat dan ook als een huis. Het is meer dan folklore. Zoals ze ons hebben ontvangen op hun onafhankelijkheidsdag, zo zijn ze ook zelf écht. Het is hun wezen. Ze zijn ‘af’ en ‘rond’, maar nog niet ‘klaar’ met de Italiaanse staat. Daar hebben ze nog een appeltje mee te schillen.

Daar zit het wezenlijke verschil met de situatie hier bij ons: met wie zouden wij appeltjes schillen? Misschien willen de politieke partijen met elkaar, voor de galerij, wel eens een potje catch uitvechten. Maar de Vlamingen hebben België nu in handen, meer nog: in de vingers. Zonder het te merken, branden ze hun vingers. Want Franstalig België profiteert volop van de kookkunsten van de centrumrechtse (Vlaamse) coalitie om zich verder voor te bereiden op het uit elkaar vallen van het federale België. Het kan niet dat de grootste partij van het land, de N-VA, dat niet doorziet. Daarvoor is de partij nog te zeer een Vlaams-nationale partij. Maar dat het zolang duurt vooraleer dit inzicht voorzichtig wordt gepreveld, maakt er ook een zeer Vlaamse partij van. In de andere betekenis van het woord. Voor eertijds VVB-politiek secretaris en thans minister Jan Jambon is het ongetwijfeld een ontwaken met ‘pijn in het haar’, zoals de studenten een kater vroeger al eens durfden noemen. Maar goed: hij heeft vele katertjes te geselen. Het communautaire katje laat zichzelf uit de boom kijken.

Overigens, beste VVB- en andere vrienden:

het vriesvak lekt!

Of in een vertellinkje: in België leven vier gezinnen samen onder één dak. Een soort van uit de hand gelopen kangoeroewonen, als alternatief voor wat in onheuglijke tijden een commune was, waarbij drie leden van het samengestelde gezin complexloos graaien (Waals, Brussels, federaaltje) in het Vlaamse huishoudpotje. Vlaams bewoner Bourgeois staat erbij en kijkt ernaar, sip welteverstaan. Nee, hij is helemaal geen ‘happy hippie’. België is nog te veel een commune, maar de vredespijp doet er alleen de ronde om te verdoven, niet om een nieuwe en betere verstandhouding te bezegelen. En hij - onze minister-president - is al evenmin een content huisvader die zijn schaapjes op het droge heeft en inschikkelijk maar berekend zorg kan dragen voor zij die de eindjes moeilijk aan elkaar kunnen vastknopen. Want België is geen kangoeroewoning, maar een scheefgezakte bungalow, langs Vlaamse kant voorzien van spaarzame led-lampjes - nadat we nog eens voor 12 miljard euro aan oude gloeilampen binnenkieperden langs de Franstalige ramen en deuren. Trouwens, dat doen we elk jaar, die transfer. Om het weer goed te maken doen we op de op- en afritten van de snelwegen de lichten uit. En wordt u gevraagd het te melden indien u overdag nog ergens zo’n lantaarn ziet branden.

Zo voorgesteld, vrienden, zijn op termijn de communautaire duivels onbedwingbaar. Het vriesvak, de institutionele diepvries lekt. De kruik gaat voor de Vlamingen zolang te water tot ze barst, maar laat dat geen zorg zijn, want de Franstalige arrogantie kent geen grenzen. In 2019 zit het er weer volop tegen, reken maar. Dat zal moeilijk anders kunnen: huisvader Bourgeois zal vaststellen dat zijn kroost aan de Vlaamse keukentafel mort en zaagt omdat ze het met heel wat minder moet stellen.

“Reken maar”: neem dat gerust letterlijk, want we zien een geëngageerde middenklasse opduiken, die asociale maatregelen afkeurt onder de noemer ‘hart tegen hard’. Tja: kunnen wij die mensen, die ijveren voor meer welzijn, verwijten dat zij als jonge moeders, werkzoekenden, jonggepensioneerden en die een deel van hun welvaart moeten afstaan, de schuld afschuiven op de belastingen van de rechtse Vlaamse regering?

“Wat de mensen bezig houdt” of, zo u wil, beste mensen, “wij kennen de echte problemen van jan-en-alleman” zijn steeds weerkerende dooddoeners van haast álle politieke partijen. Ze moeten doorgaan als ultiem en doorslaggevend argument om dichter bij hun kiezers te staan dan de concurrentie.

Wil dat dus zeggen dat die mondige criticasters in Vlaanderen ongelijk hebben? Nee toch? Mag het nog om luidop te zeggen dat jongeren treffen in hun jeugdbewegingsbudgetten, duurdere kinderopvang, lange wachtlijsten in de zorgsector… dat dit allemaal geen voorbeeld is van verandering in de samenleving?

Is het niet de taak van de politiek om de warme samenleving, waar ze allemaal de mond van vol hebben, op het terrein waar te maken?

En daarom: de VVB wil deze sociale en maatschappelijk betrokken kritische groepen geen ongelijk geven. Want door hun kritiek op een belastingspolitiek die vooral de jonge gezinnen treft in tegenstelling tot de overgrote makke ongeïnteresseerde meerderheid, de lamme goedzakken die met geen stokken uit hun zetel te krijgen zijn, vormen zij mee de ruggengraat van een geëngageerde Vlaamse natie in wording. Dat heeft niks te maken met links of rechts. Het heeft alles te maken met verandering, met het waagstuk waarop de eenentwintigste eeuw Vlaanderen uitnodigt.

Het zijn mensen met hetzelfde sociaal-maatschappelijk profiel die in Schotland en Catalonië massaal en ongelofelijk enthousiast deelnemen aan een debat ten gronde over een toekomst zonder hun Londense of Madrileense schoonmoeder. Een debat over soevereiniteit. Het grootste democratische recht, namelijk zelf kunnen beslissen over eigen lot en toekomst…

Informatie en communicatie zijn de eerste stappen.

Vertrekken vanuit de basis.

Ik weet het, het zal niet gemakkelijk zijn!

De VVB zet alles op alles om het middenveld op het Vlaamse onafhankelijkheidsspoor te krijgen.

De N-VA, die in beide regeringen de grootste fractie vormt, staat voor een huizenhoog dilemma. Hoe uit die verkrampte spreidstand geraken die het regeren in twee regeringen de ligamenten uitrekt en de eigen benen demobiliseert?

Wanneer, ja wanneer, beginnen we met… verkopen? In Zuid-Tirol vragen ze het zich af.

Wanneer gaan we de Vlaamse consumenten inlichten, dat wil zeggen: informeren over ons topproject, de Vlaamse onafhankelijkheid? In Catalonië wachten ze met een visademke af.

We kunnen wel stellen dat het moedig is van onze Vlaamse minister-president om aan te kondigen dat hij wil werken aan een Vlaamse Grondwet. Maar zonder duidelijke aanleiding en zonder motivatie lijkt dit meer op een publiciteitsstunt.

De voornaamste competentie van een topverkoper is overtuigingskracht. In Schotland twijfelen ze misschien al eens of de Vlamingen wel in hun eigen zaak geloven.

Wel, mensen, vertrouwen en overtuiging breng je alleen over als je zelf gelooft in je product.

En wat doet een topverkoper? Verkopen, verkopen en nog eens verkopen. Zijn topproduct promoten en de voordelen ervan breeduit uitsmeren.

In het grote uitstalraam van de N-VA-boetiek staan enkele topwagens te blinken van verlangen. Maar er hangt een bordje voor. Slechts te koop in 2019 én verboden onder de motorkap te kijken. Het enige wat de klanten te zien krijgen, is de garage waar in afwachting de N-VA samen met andere technici en klussers van allerlei signatuur sleutelt aan een aftands Belgisch vehikel.

Honderden piratenstukken en oplapwerk ten spijt: de wagen staat meer in de garage dan dat ie rijdt. En meer achteruit dan vooruit. De ongedurige klanten vragen zich onderhand af wanneer die gasten eindelijk stoppen met prutsen, ‘moeisjen’ en ‘desteren’ in het dialect…

Voor de zoveelste 11 juli op rij richten zovele gastsprekers - al decennia lang - de volgende oproep aan de Vlaamse politieke klasse: “Stop met klussen! Vergeet dat gammele wrak. Laat ons die nieuwe Vlaamse wagens testen!”

In 2019 is het zoveelste moeder aller verkiezingen. Klinkt al een beetje afgezaagd.

Maar…

We hebben als grootste Vlaams-nationale drukkingsgroep nog enkele boodschappen voor de Vlaamse politieke topklasse.

Aan de Vlaamse vakbonden van de grote centrales: scheur u los van de Waalse collega’s!

Word vakbonden om de belangen van de Vlaamse arbeiders en bedienden te behartigen…

Aan de sp.a: verlaat het kaviaarsocialisme en stap uit het bed van de PS.

Open Vld: schuif niet op naar PVV.

Groen: kijk over uw schouders. Jullie zijn de enige partij die zich tegen de rug van een conservatieve centralistische staat aanschurken.

Vlaams Belang: speel het communautaire en staatsvormende volop uit en speel niet op de man, maar op de bal.

N-VA: doe wat de Vlaamse kiezers van jullie verwachten; geef richting aan, informeer en wees duidelijk. De bal ligt in jullie kamp…

Geen roekeloze wagers, stil volk dat zich beraadt - dat zijn wij hier vandaag tezamen: ik dank u.

Terug naar overzicht