Swyngedouw: van komkommer tot kater

Jan Van de Casteele 12-07-2008

De peilingen zijn terug. Verketterd door politieke journalisten na nogal opvallend grote fouten bij vorige verkiezingen, worden ze nu door dezelfde analisten breder dan ooit uitgesmeerd in de kranten. Een bedenkelijke peiling van Marc Swyngedouw (opinieonderzoek van de KU Leuven, Ispo) kreeg als een superkomkommer in de media (DS en VRT) veruit de meeste aandacht. Ze was dan ook het bruikbaarst als vermeende reddingsboei tegen de vervlaamsing van de publieke opinie. Dat denkt men toch. Maar in het surrealisme van het opinieonderzoek volgt al snel de kater: in dezelfde krant verkoopt men drie weken later een eigen onderzoek dat spreekt over 30% separatisten. Het wordt grappig...

Van ‘Links scoort slecht bij nieuwe kiezers’ maakte De Standaard op 7 juli een openingsstuk. De jongste cohorte ‘nieuwe’ kiezers van 2007 (18-21 jaar) zou haar neus ophalen voor links en VB (33,4%) en LDD (14,2%) zouden op de wieltjes van de tijd zowaar op weg zijn naar een absolute meerderheid. Sp.a-VlaPro (7,6%) en Groen! (3,9%) spreken de jongste kiezers blijkbaar niet meer aan. N-VA zou volgens de globale peiling maar 2% van het electoraat vertegenwoordigen, en Spirit nog geen half procent. Dat is ‘wetenschap’ die doet glimlachen.

Swyngedouw spreekt in zijn postelectorale analyse ‘Het stemaandeel van de Vlaamse politieke partijen’ nog over het Vlaams “Blok”. Dat die partij in 2007 al enige tijd tot de geschiedenis behoort, kan hem toch niet helemaal ontgaan zijn?

Zijn onderzoek is gebaseerd op ‘interviews’ van een uurtje. In welke mate die ‘face-to-face’-techniek antwoorden kan sturen en afwijzingen of weigeringen kan herwegen, is niet duidelijk. Niet in het minst omdat Swyngedouw daar zelf nauwelijks informatie over geeft.

Swyngedouws gebruik van kleurrijke kwalificaties als ‘etnocentrisch’ (VB) en ‘populistisch’ (LDD) vervaagt de grens tussen wetenschap en opiniëring. Het verbaast dat Vlaams Belang de kromme komkommer van Swyngedouw vol vreugde op z’n webstek plaatst (‘Het gaat hier natuurlijk niet om een zoveelste banale opiniepeiling, maar om een wetenschappelijk onderzoek’). Met de knipoog ‘We geloven ze nog steeds niet, maar liever een goede dan een slechte peiling’ is LDD dan toch wat voorzichtiger...

Terug naar de verbazing. Swyngedouw nuanceert zijn bevindingen door te wijzen op de ‘kleine aantallen’, maar geeft nergens de concrete cijfers, en wikkelt zijn verhaal in verhullende percentages. Volgens de VRT (www.deredactie.be) gaat zijn hele analyse (18-21 jarigen) om welgeteld 64 personen. Een cijfer dat Swyngedouw zelf niet wou geven?

Swyngedouws onderzoek is al maanden oud (28/9/07 tot 15/01/08), en werd opgediept na een al evenmin overtuigende separatisme-peiling van een andere krant (HLN). Ook in dat eerste rapport waagt Swyngedouw zich aan micro-analyse vol risico’s.

Zijn conclusies uitvergroten, dat is dus dansen rond een mager skelet. Om het concreet te maken: als Groen! in 2007 bij de nieuwe kiezers 3,9% haalde, stemt dat overeen met 2,5 (sic) geënquêteerden die Groen zouden stemmen. Leuke komma... Met één geënquêteerde meer zat Groen! al half in de hemel...

Separatisme

Een ander deelrapport over hetzelfde Ispo-onderzoek (“Hoe Vlaams-Belgischgezind zijn de Vlamingen”) kreeg een paar weken geleden nog meer aandacht. Ook de daarin opgenomen conclusies waren niet overtuigend. Slecht 9% van de Vlamingen zou een splitsing van België zien zitten (blz.2)

Swyngedouw geeft nauwelijks info over weigeringspercentages in meerkeuzevragen. In zijn kernvraag over scenario’s voor de Belgische toekomst worden in de vijf opties de woorden Vlaanderen of Vlaams niet eens vernoemd (vraag 130). Denkt Swyngedouw nu werkelijk dat de vraag ‘Mogen voor u Vlaanderen en Wallonië twee zelfstandige staten worden’ niet een ietsje positiever zou beantwoord worden dan zijn vraag ‘België moet gesplitst worden’?

Swyngedouw confronteert zijn ‘deelnemers’ met abstracte termen als ‘unitair’ en ‘federaal’, termen die blijkbaar geen geheimen hebben voor een groot deel van de ondervraagden. Amper 2,3% zegt over die scenario-vraag ‘geen mening’ te hebben. Een bedenkelijk laag cijfer. Recent onderzoek dat Hogeschool Brugge voor Doorbraak uitvoerde (*) , leerde dat zelfs in een anonieme schriftelijke bevraging eenderde van de ondervraagden zich bij dergelijke vragen onthoudt (neutraal of geen mening).

Swyngedouws conclusie ‘Niets wijst op een sterke radicalisering van de eis tot Vlaamse onafhankelijkheid’ is dan ook vatbaar voor kritiek. Alleen al omdat hij die vraag over ‘Vlaamse onafhankelijkheid’ nergens de facto met die woorden stelde.

Andere onderzoeken doen dat wel. In drie opeenvolgende opinieonderzoeken van Doorbraak (2004-2006, www.doorbraak.org) stelden we de vraag; ‘Moet Vlaanderen onafhankelijk worden’. Drie jaar op rij bleek dat ongeveer één op vijf Vlamingen positief antwoordt op die vraag. In 2006 was 21,6% hiermee akkoord, tegenover 55,9% niet akkoord en 19,2% neutraal en 3,3% geen mening. Anders gezegd: van wie over onafhankelijkheid Vlaanderen een mening formuleert, is ongeveer een kwart voorstander, driekwart tegenstander.

Een nog recentere peiling van De Standaard en Het Nieuwsblad (11 juli) blijkt nu plots weer dat er 30% Vlamingen separatist zouden zijn (‘Het aantal separatisten bedraagt 30 procent’. Bron: enquête IVOX bij 1.050 Vlamingen tussen 18 en 74 jaar. Periode: 8 juli-10 juli 2008). Dat is het driedubbele van wat Swyngedouw uit zijn bevraging meende te mogen concluderen...

Volgens een peiling van de Concentra-kranten (GVA, BVL, 11 juli, onderzoek online/telefonisch Compagnie, 3-8 juli, 523 respondenten) zijn er zelfs 37% Vlamingen die willen dat Vlaanderen onafhankelijk wordt 'als er geen akkoord komt tussen Vlamingen en Walen...

Het wordt nog grappig...

Studenten

In ons jongste Doorbraak-onderzoek (2008) focusten we – in een tussenjaar op weg naar de Vlaamse verkiezingen, waar we weer met een groter onderzoek plannen - op ca 1100 studenten hoger onderwijs (18-24 jaar). Het verschil met wat het Ispo-onderzoek meent te zien (gebaseerde op... 64 “nieuwe kiezers”, met als resultaat dat VB en LDD zowat de helft van de stemmen halen in die groep), is opvallend groot.

Een kwart van de studenten (27,1%) zou begin mei voor het kartel hebben gestemd. Een score in de buurt van de uitslag van de federale verkiezingen van 2007. Open VLD ligt bij het studentenpubliek vrij goed in de markt (21%), terwijl sp.a-VlaPro (18,8%) en Groen (7,9%) helemaal geen reden tot klagen hebben. Vlaams Belang-VLOTT scoort bij de studenten dan weer ondermaats (8,2% in 2008)

De lage score bij studenten is niet eens een verrassing. Ook in vorige enquêtes was dat duidelijk (9,9% in 2006), terwijl de partij voor het totaal van de bevolking in datzelfde onderzoek 18% behaalde.

Dat de jongeren rechtser zouden stemmen, zoals Swyngedouw stelt, moet derhalve ten minste worden gerelativeerd. Voor de studenten is dat niet het geval. Dit zou kunnen betekenen dat vooral de werkende jongeren of minder hoog opgeleide in die leeftijdscategorie massaal Vlaams Belang stemt.

Ons onderzoek leert dat de gevoeligheid voor communautaire thema’s hoger ligt, naarmate de leeftijd van de kiezer hoger is. Ouderen willen veel meer dan jongeren nog de transfers afbouwen, de sociale zekerheid splitsen, de faciliteiten afschaffen, BHV splitsen, maar stellen meer de monarchie in vraag.

In een recent tabel bij een artikel van Marc Reynebeau in deze krant (Separatisten in Vlaanderen, 14 juni) werd mooi geïllustreerd hoe afwijkend peilingen inzake separatisme kunnen zijn. De cijfers van diverse bronnen en tijdstippen slaan tilt. Maar de tabel illustreert wel een Vlaamse radicalisering.

Besluit

Op basis van erg omtreden cijfermateriaal meent Swyngedouw dat overtuigde belgicisten en dito Vlaamsgezinden ‘elkaar ongeveer in evenwicht houden’. Zijn methodiek deugt niet. In zijn repliek op kritiek (Knack, blog) blijft hij zich verstoppen achter algemeenheden, vaagheden en wat academische verwijzingen naar een methodiek die hij nergens toelicht.

De antwoorden worden dus mee bepaald door de methodiek (schriftelijk, mondeling, internet), de vraagstelling, het tijdstip van de bevraging, de ondervraagde groep, leeftijd en geslacht, de ernst van de bevraging, het medium etc... Alle onderzoek is voor kritiek vatbaar, dat van Swyngedouw nog het meest.

Tot slot: niet het gekronkel van de mekaar tegensprekende peilingen, maar de politieke realiteit zal de toekomst van Vlaanderen sturen. Verkozen politici in de parlementen dus. Zowat alle Vlaamse partijen (VB, LDD, N-VA en Spirit uitgesproken, CD&V sinds het Congres van Kortrijk) gaan voor confederalisme of onafhankelijkheid. Ook ter linkerzijde (Gravensteengroep) manifesteert zich beweging in die richting. Open VLD laat zich uit de markt prijzen. We wachten met spanning op de lancering van een belgicistische partij die deze ontwikkeling zal tegenhouden.

* De vier opinieonderzoeken van Doorbraak werden uitgevoerd door Hogeschool West-Vlaanderen en zijn te raadplegen op www.doorbraak.org.


Terug naar de artikelenlijst.